Afzakkertjes (2)

20 mei 2009

Afzakkertjes…
Observaties vanaf de zijlijn door drs. K. Bouter

Nationale historie
Opeens is Nederland heel erg bezig met geschiedenis. Nou ja, de politici dan. Geen idee waar dat vandaan komt, want het is helemaal geen Nederlands beleid om zo met dat verleden bezig te zijn. Geschiedenis is als vak op de middelbare school nota bene een keuze, het is niet eens een verplicht examenvak. Historische musea lijden in dit land een kwijnend bestaan in vergelijking met de ‘kunstmusea’. Beheer en behoud zijn evenmin sexy thema’s, niemand geeft er letterlijk en figuurlijk een cent voor. Toch moet er een Nationaal Historisch Museum komen. Vreemd eigenlijk, want onze geschiedenis wordt niet alleen in het Openluchtmuseum in Arnhem verbeeld, maar ook in de scheepvaartmusea te Amsterdam, Rotterdam en Enkhuizen, de afdeling vaderlandse geschiedenis in het Rijksmuseum, de Gevangenpoort en een aantal stadshistorische musea. Maar de politiek heeft nu bedacht dat dit anders moet. Dat is namelijk de taak die politici en beleidsmakers zichzelf hebben toebedeeld: het in gang zetten van processen van verandering. Alles moet voortdurend anders, niets mag blijven. Zo ook de plannen voor dat NHM. Je vraagt een museumdirecteur en een architect om een plan te maken, maar dan ga je dat natuurlijk later weer veranderen. Niets moet en kan hetzelfde blijven, alles moet in beweging blijven. Vanuit deze dynamische filosofie zijn ook de beide directeuren van het nog niet bestaande NHM indertijd aangesteld: mannen die hun sporen verdiend hebben met veranderingen. Minister Plasterk was met name onder de indruk van de diversiteit in aanpak van Erik Schilp, korte tijd directeur in Enkhuizen, die hij kenschetste als een ‘uitdagende schotsenspringer’. Deze kwalificatie maakt hij helemaal waar. In Enkhuizen zijn ze nog steeds héél rouwig om het vertrek van Schilp, ze hadden hem gráág willen houden, deze verassende en uitdagende expert in museale verandering. Als de minister zijn filosofie trouw blijft is de kans op terugkeer best groot, want ook deze twee flitsende directeuren kunnen uiteraard niet blijven. Het wordt weer hoog tijd voor verandering.

Nationale historie (2)
In Rotterdam wordt ook stevig nagedacht over de verbeelding van belangrijke aspecten van onze nationale historie. Daar staat het voormalig woonhuis van niemand minder dan Pim Fortuyn en het college van B&W laat nu onderzoeken of dat een museum kan worden. Het doel is ‘een deel van Fortuyn’s nalatenschap voor Rotterdam te bewaren’. Omdat ik dol ben op beheer en behoud van nationaal erfgoed, omdat dat intrinsiek deel uitmaakt van onze collectieve identiteit, was ik benieuwd naar de inhoud van zo’n Fortuyn museum. Nou, ik word op mijn wenken bediend: het gaat namelijk om Pims bureau, agenda en boekenkast. Kunnen we op korte termijn een actie starten voor vergelijkbare museale hoogstandjes? Ik stel voor om alvast voorbereidingen te treffen voor musea met in ieder geval bureau, agenda en boekenkast van: Balkenende, Bos, Zalm, Hirsch Ballin, Donner, Wilders, Verdonk, …..vult u zelf maar aan. Dat levert vast subsidie op. Tijdelijk uiteraard, want na verloop van tijd moet alles zichzelf bedruipen (sic). Maar het voordeel van zowel het NHM als het toekomstig Fortuynhuis (leuke naam dacht ik zo) is dat het helemaal door politici wordt bedacht, gestuurd, ingevuld, en noem maar op. Een museale professional heeft daar weinig te zoeken.

(Drs. K. Bouter is gepensioneerd kunsthistoricus).