Geen Nationaal Historisch Museum in Den Haag? Dan een Huis voor de Democratie!

18 september 2007

Het plan dateert van een jaar of tien geleden. Toen stak een aantal enthousiaste historici en geïnteresseerden in Haagse geschiedenis de koppen bij elkaar om, naar voorbeeld van het succesvolle Duitse Haus der Geschichte in Bonn, een plan te maken voor een Huis voor de Democratie. Het plan is nu weer van stal gehaald door het actiecomité Historische Vergissing.

Het comité verzet zich niet langer tegen de vestiging van het Nationaal Historisch Museum in Arnhem, maar wil dat Den Haag een Huis voor de Democratie krijgt: een bezoekerscentrum met expositieruimte in de nabijheid van het parlement waar jongeren in aanraking komen met de politiek, met het democratisch stelsel en het debat.
Een aantal prominente Hagenaars, zoals Max van Wezel, waarnemend voorzitter van internationaal perscentrum Nieuwspoort en Antoinette Visser, directeur van het Haags Historisch Museum, maken zich er sterk voor. De locatie op de hoek van het Spui en de Kalvermarkt, waar burgemeester Wim Deetman ook het Nationaal Historisch Museum had willen vestigen, lijkt daarvoor het meest geschikt. De plek bevindt zich tegenover het stadhuis en op steenworp afstand van het Binnenhof. Dé ideale ontmoetingsplaats voor ‘de Nederlander en zijn democratie’.
De Gemeente Den Haag heeft inmiddels aan Wim van Krimpen, directeur van het Haags Gemeentemuseum, gevraagd om een notitie over dit onderwerp te schrijven.

Het actiecomité heeft ook vanuit de Tweede Kamer steun gekregen. Vlak voor de zomer diende de CDA-er Jan Schinkelshoek (oud hoofdredacteur van de Haagsche Courant) een motie in dat alle middelbare scholieren tijdens hun opleiding ten minste één keer het parlement bezoeken. De motie werd aangenomen en Schinkelshoek heeft laten weten dat hij het ‘plan Kalvermarkt’ van harte ondersteunt: “Er moet echt iets gebeuren. Ik steun dit streven krachtig”.

(Bron: Den Haag Centraal, 7-9-07)